Women’s health vraagt om structurele samenwerking en innovatie
Women’s health krijgt steeds meer aandacht binnen de Life Sciences & Health-sector. Gezondheidsverschillen tussen mannen en vrouwen werden lange tijd onvoldoende meegenomen in onderzoek en innovatie. Inmiddels groeit het besef dat vrouwengezondheid een belangrijk maatschappelijk, medisch én economisch thema is. Volgens Sjanna Bosma, International Relations Officer bij Health Holland, ontstaat er juist nu een sterk momentum.
Interview met Sjanna Bosma, mei 2026
Women’s health krijgt steeds meer aandacht binnen de Life Sciences & Health-sector. Gezondheidsverschillen tussen mannen en vrouwen werden lange tijd onvoldoende meegenomen in onderzoek en innovatie. Inmiddels groeit het besef dat vrouwengezondheid een belangrijk maatschappelijk, medisch én economisch thema is. Volgens Sjanna Bosma, International Relations Officer bij Health Holland, ontstaat er juist nu een sterk momentum.
Binnen Health Holland houdt Bosma zich bezig met internationale samenwerking en innovatie. Vanuit die rol kwam zij vaker in aanraking met de verschillen in gezondheid en zorg tussen mannen en vrouwen.
“Wat mij motiveert, is dat hier jarenlang relatief weinig aandacht en kennis voor is geweest, terwijl de impact op gezondheid, kwaliteit van leven en arbeidsparticipatie groot is,” vertelt zij.
De maatschappelijke impact is groot. Vrouwen leven gemiddeld langer dan mannen, maar brengen ook meer jaren door met gezondheidsproblemen. Daarom is investeren in women’s health volgens Bosma essentieel om gezondheidsverschillen te verkleinen en mensen langer in goede gezondheid te laten leven.
Van nicheonderwerp naar innovatieprioriteit
Hoewel women’s health altijd relevant is geweest, ziet Bosma dat het bewustzijn rondom het thema de afgelopen jaren sterk is toegenomen. Mede dankzij maatschappelijke organisaties, onderzoekers, ondernemers en journalisten neemt de aandacht voor verschillen in gezondheid en zorg tussen mannen en vrouwen toe.
Ook op beleidsniveau ziet zij belangrijke ontwikkelingen. Vanuit het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is er meer aandacht voor een nationale strategie vrouwengezondheid, terwijl binnen het industriebeleid van Economische Zaken en Klimaat de focus op biotech en innovatie toeneemt. Internationaal groeit het besef dat vrouwengezondheid niet alleen een maatschappelijk vraagstuk is, maar ook een belangrijk economisch en innovatief thema.
Die ontwikkeling is zichtbaar in investeringen, nieuwe startups en de groei van femtech: technologie en innovaties gericht op vrouwengezondheid.
Grote kansen in preventie, data en gepersonaliseerde zorg
Bosma ziet vooral kansen op het gebied van preventie, data en gepersonaliseerde zorg. Veel aandoeningen bij vrouwen worden nog te laat herkend of onvoldoende onderzocht.
“Vrouwengezondheid is lange tijd behandeld als een nicheonderwerp, terwijl het direct gaat over de gezondheid van de helft van de bevolking.”
Vrouwen zijn in medisch onderzoek en klinische studies historisch gezien niet altijd representatief meegenomen. Onder andere omdat hormonale cycli en mogelijke effecten op reproductieve gezondheid extra complexiteit met zich meebrengen. Tegelijkertijd heeft dat geleid tot kennishiaten in diagnostiek en behandeling. Juist daarom ontstaan er nu kansen om onderzoek inclusiever in te richten en innovaties beter aan te laten sluiten op verschillen tussen mannen en vrouwen.
Daarnaast ziet Bosma veel potentie in het slimmer benutten en delen van gezondheidsdata over de hele levensloop. Initiatieven zoals Health-RI en Cumuluz kunnen volgens haar bijdragen aan veiligere, beter verbonden en effectievere inzet van data voor onderzoek en innovatie.
Samenwerking als sleutel tot impact
Een belangrijke ontwikkeling vindt Bosma het ontstaan van een steeds sterker verbonden ecosysteem rondom women’s health. Organisaties zoals WOMEN Inc., FemTechNL, Voices for Women, NVOG, DCVA, Health-RI, het Strategische Publiek-Private Partnerschap Women’s Health en diverse kennisinstellingen zoals het Netherlands Women’s Health R&D Center in Erasmus MC, weten elkaar steeds beter te vinden.
Health Holland speelt hierin volgens Bosma een verbindende rol door publieke en private partijen samen te brengen en innovatieprogramma’s en internationale samenwerking mogelijk te maken.
Een voorbeeld daarvan zijn de PPS-programma’s FEMCURE en Menopause Matters, die beide met vijf miljoen euro worden ondersteund. Ook internationaal zet Health Holland in op zichtbaarheid en verbinding, onder meer via internationale delegaties, ronde tafels en evenementen zoals de Swiss Biotech Days en Innovation for Health.
“Women’s health raakt zorg, technologie, data, beleid en maatschappelijke vraagstukken tegelijk”, aldus Bosma. “Juist daarom is samenwerking essentieel.”
Geen enkele partij kan deze uitdagingen alleen oplossen, benadrukt Bosma. Onderzoekers, zorginstellingen, startups, investeerders, maatschappelijke organisaties en overheden moeten samenwerken om echte impact te realiseren.
Internationale positie van Nederland versterken
Bosma ziet internationale samenwerking als een belangrijke kans om Nederlandse innovaties en expertise zichtbaarder te maken. Nederland beschikt volgens haar over een sterk women’s health-ecosysteem, maar om echt impact te maken moeten innovaties internationaal kunnen opschalen.
Een voorbeeld van hoe Health Holland internationale samenwerking faciliteert, was onder andere een internationale missie uit de Verenigde Staten gericht op vrouwengezondheid, waarbij internationale partijen kennismaakten met het Nederlandse ecosysteem. Tijdens bezoeken aan onder andere Amsterdam UMC ontstonden gesprekken over innovatie en samenwerking rondom vrouwengezondheid, wat uiteindelijk leidde tot internationale vervolggesprekken en verbindingen op hoog niveau, onder andere binnen het Women’s Health Network van het Milken Institute.
Van aandacht naar structurele verandering
Voor de komende jaren hoopt Bosma dat women’s health niet langer wordt gezien als een apart thema, maar als een vanzelfsprekend onderdeel van innovatie, onderzoek en zorgontwikkeling.
Dat vraagt volgens haar om betere representatie van vrouwen in onderzoek en klinische studies, meer aandacht voor gezondheid over de hele levensloop en structurele investeringen in samenwerking en innovatie.
“Uiteindelijk gaat women’s health ook niet alleen over vrouwen: wanneer de gezondheid van vrouwen verbetert, heeft dat positieve impact op gezinnen, arbeidsparticipatie, de zorg en de maatschappij als geheel.”
Haar oproep aan organisaties is dan ook duidelijk: zoek actief de samenwerking op en kijk verder dan de eigen discipline. Juist door kennis, technologie en praktijkervaring te combineren, kan blijvende verandering worden gerealiseerd binnen vrouwengezondheid.







